Je loopt een slagerij in Arnhem binnen voor een kilo rundvlees. Je ziet een groen logootje op het raam. Maar wat ligt er nu echt in de vitrine? Bij Slagerij Dinada leggen we de kaart op tafel. Halal gaat over meer dan een sticker op een doos.

Het proces start bij de slacht. De kop van het dier wijst richting Mekka. Een scherp mes snijdt de halsslagader en de luchtpijp door. Dit gebeurt in een vloeiende beweging. Het bloed loopt direct uit het lichaam. Dat is de basisregel.

De kleur van het vlees

Kijk goed naar de kleur van het rundvlees als je bij de toonbank staat. Vers rundvlees hoort dieprood te zijn. Het mag niet glimmen van het vocht. Als het vlees bruine randjes krijgt, ligt het er te lang. Dat is geen hogere wiskunde, dat is gewoon de klok.

Lamsvlees is lichter van kleur. Het gaat richting het roze. Het vet moet wit en hard zijn. Geel vet wijst op een oud dier. Een oude ooi heeft minder smaak dan een jong lam. Een goede slager vertelt je dit eerlijk.

De geur en structuur

Vlees moet naar niks ruiken. Gebruik je neus bij de toonbank. Ruik je een zure lucht? Loop dan de winkel weer uit. Droog vlees plakt niet aan je handen. Het moet terugveren wanneer je er met je vinger op drukt.

Bij Slagerij Dinada krijgen we elke ochtend nieuwe aanvoer. Het vlees hangt korte tijd in de koelcel. Daarna snijden we het op de blokken in de winkel. Je ziet het mes door het vlies gaan. Zo weet je dat het geen voorverpakt spul uit de fabriek is.

Certificering en controle

Vraag je slager naar zijn certificaat. Elke goedgekeurde halalslager heeft papierwerk van een controle-instantie. Wij werken met leveranciers die elke stap vastleggen. De herkomst staat op de factuur. Dat geeft duidelijkheid voor de klant aan het loket.

Hygiƫne is de andere helft van het verhaal. De toonbank moet schoon zijn. Messen worden de hele dag door gewassen. Als de vloer smerig is, is de snijplank dat vaak ook. Een nuchtere Arnhemmer ziet dat meteen.